Kind en adolescent praktijk — Jrg. 12 (juni 2013) Nr. 2

50 Strijd
ten geleide
Marike Serra (hoofdredacteur)

52
Fact als organisatiemodel voor langdurig zorgafhankelijke kinderen en jongeren
Arien Storm, Nynke Frieswijk en Annemieke Hendriksen-Favier
Het afgelopen decennium is binnen Accare de ambulante zorg sterk uitgebreid en de klinische zorg evenzo sterk afgenomen. Uitgangspunt is dat kinderen en jongeren zich zo snel mogelijk weer in hun eigen leef- en woonomgeving kunnen redden, zonder hulp van buitenaf. Een deel van onze cli‘nten heeft echter langdurige ondersteuning nodig om zich verder te kunnen ontwikkelen. Een passend organisatiemodel voor ambulante zorg bij deze groep kinderen en jongeren is FACT, Functie Assertive Community Treatment.

62
COMET Jeugd – Zelfvertrouwen
WERK IN UITVOERING
Marije Kuin
Bij de behandeling van psychische stoornissen wordt er doorgaans vanuitgegaan dat wanneer men de stoornis behandelt, een ontstaan negatief zelfbeeld als vanzelf zal meeveranderen. Toch blijkt dit in veel gevallen niet zo vanzelfsprekend te zijn. Bovendien kan de behandeling van een stoornis langdurig zijn, waardoor eventuele positieve effecten voor het zelfbeeld lang op zich laten wachten (Korrelboom, 2011). Om een negatief zelfbeeld direct te be•nvloeden werd recent een behandeltechniek ontwikkeld die is gericht op het verbeteren van het zelfbeeld bij volwassenen: COMET, dat staat voor Competitive Memory training (Korrelboom, 2011).

65 Britt, inmiddels 21 jaar
ALS JE ‘T MIJ VRAAGT
Anneke Eenhoorn

66 Naschoolse dagbehandeling voor kinderen met een lichte verstandelijke beperking/ Op weg naar een beschreven en erkende interventie
Jaap Pellen en Mariska van der Steege
Een Orthopedagogisch Behandelcentrum biedt intensieve hulp en zorg aan gezinnen met kinderen tot drie‘ntwintig jaar met een lichte verstandelijke beperking (LVB) en bijkomende problematiek. Inmiddels is er 25 jaar praktijkervaring met naschoolse dagbehandeling. Daaruit blijkt dat hulpverleners en gezinnen tevreden zijn en dat er ook uithuisplaatsingen van kinderen mee konden worden voorkomen. Tegelijkertijd blijkt echter nogal wat diversiteit te bestaan tussen de centra als het gaat om de werkwijze. Uniformiteit, beschrijven van de onderdelen van de behandeling en theoretische onderbouwing zijn van groot belang.

74 Gescheiden ouders
GEREGELD
Alice Broersma
Behandelaren in de jeugd-ggz worden regelmatig geconfronteerd met kinderen van wie de ouders zijn gescheiden. Dat kan de behandelaar voor een dilemma plaatsen. Bijvoorbeeld wanneer de ouders onderling van mening verschillen over onderzoek en behandeling in de jeugd-ggz.

76 Het KiVa antipestprogramma / Signaleren en tegengaan van pesten
RenŽ Veenstra, Gijs Huitsing, RenŽ Koens, Femke Munniksma, Beau Oldenburg, Rozemarijn Van Der Ploeg, Miranda Sentse en Freek Velthausz
Pesten is een complex en universeel probleem (Swearer, e.a., 2010). Op de basisschool is circa 15% van de leerlingen er slachtoffer van. Pesten heeft tal van negatieve consequenties (Salmivalli & Peets, 2009). Slachtoffers kunnen last hebben van psychische klachten, zoals gevoelens van eenzaamheid, gebrek aan zelfwaardering, geen vertrouwen hebben in anderen of depressiviteit. Niet alleen slachtoffers ondervinden (soms blijvende) problemen, ook pesters lopen het risico in hun ontwikkeling slechter af te zijn. Pesters leren niet met overleg of met begrip voor anderen iets te bereiken en blijven vaak onaangepast gedrag vertonen. Daardoor hebben ze een grotere kans om op latere leeftijd probleemgedrag te vertonen, zoals delinquentie (Nansel e.a., 2004). Klasgenoten die niet direct bij het pesten betrokken zijn, ondervinden vaak ook hinder van ernstige pesterijen; ze voelen zich minder veilig en zijn bang om het volgende slachtoffer te worden (Nishina & Juvonen, 2005). Pesten heeft tot slot ook negatieve gevolgen voor het welbevinden van leerkrachten (zie Espelage e.a.,2013). Het is belangrijk dat pesten op scholen wordt aangepakt met een theoretische onderbouwd en bewezen effectief preventief antipestprogramma. Een veelbelovend antipestprogramma is het finse KiVa (Salmivalli e.a., 2010). KiVa is Fins voor ‘leuk’ en is tevens een acroniem van ‘leuke school zonder pesten’ in het Fins. KiVa wil zowel leerlingen als leerkrachten leren om adequaat op treden tegen pesten.

85 De mythe van het multidisciplinaire team, of van wie is de kinder- en jeugdpsychiatrie?
FRICTIE
Els de Haan
Wij hebben multidisciplinaire teams. Daar zijn we trots op. Problemen kunnen vanuit verschillende invalshoeken worden bekeken en ook oplossingen kunnen op verschillende deelgebieden van het probleem worden aangedragen. We zijn van mening dat zo’n multidisciplinair team onze kwaliteit verhoogt. Of dat werkelijk zo is, weten we echter niet. Sterker nog, het is nog maar de vraag of we een echt multidisciplinair team hebben. Dat is een vraag die we ons niet vaak stellen, terwijl die vraag, naar mijn idee, veel te maken heeft met een kwestie waar wel veel over gepraat wordt, namelijk de relatie tussen psychiaters aan de ene kant en psychologen en pedagogen aan de andere kant. Over deze vraag en deze kwestie gaat het hier.

88 Weet je nog hoe misselijk je toen was?
Carlijn de Roos en Yanda van Rood
Reactie op ‘Zou de aanhouder winnen? Over de behandeling van een vijftienjarige jongen met hardnekkige misselijkheid en schoolverzuim’ door Ingeborg Visser en Else de Haan in Kind en Adolescent Praktijk 1 2013.

91 Reactie op ‘Weetje nog hoe misselijk je was?’
Ingeborg Visser en Else de Haan

92 Ontluikend zelfbesef
PSYCHOBELLETTRIE
Frits Boer
Een psychologie van de kindertijd, door literatuur ge•nspireerd.
-
The cat’s table

94 GEZIEN EN GELEZEN
- Het egeltje onder de oude boom
- Zo, nu ben je wees
- Druk, een film van Joost Schrickx over ADHD

96 AGENDA

97 COLOFON