Pedagogiek — Jrg. 32 (december 2012) Nr. 3

199 Longitudinale associaties tussen oud-kind relaties en depressieve symptomen in de adolescentie: de modererende rol van sekse, leeftijd en persoonlijkheid
ONDERZOEK
Susan Branje, Marloes van Dijk, William Hale III, Tom Frijns & Wim Meeus
Deze longitudinale studie onderzocht bidirectionele verbanden tussen waargenomen kwaliteit van ouder-adolescent relaties en depressieve symptomen en de modererende rol van sekse, leeftijd en persoonlijkheidstype op deze verbanden. Hiervoor beantwoordden 1313 Nederlandse adolescenten (51% meisjes; 923 12-jarigen en 390 16-jarigen) vragen over hun persoonlijkheid, depressieve symptomen en waargenomen ouder-kind relatiekwaliteit in vier meetrondes. Resultaten toonden een negatief verband tussen depressieve symptomen en later gemeten waargenomen relatiekwaliteit. Kwaliteit van de relatie met moeders voorspelde depressieve symptomen voor jongens en meisjes, maar relatiekwaliteit met vaders voorspelde alleen voor jongens depressieve symptomen. Persoonlijkheidstype modereerde alleen initi‘le associaties tussen de relatiekwaliteit met moeders en depressieve symptomen. Deze verbanden waren sterker voor overcontrollers en ondercontrollers dan voor veerkrachtigen. Resultaten geven dus een patroon weer van een wederzijdse invloed tussen waargenomen relatiekwaliteit en depressieve symptomen, die gemodereerd wordt door sekse van de ouder en de adolescent en persoonlijkheid van de adolescent.

217 Communicatieve activiteiten in de buitenschoolse opvang, een veldverkenning
BSO
Nynke van der Schaaf, Jan Berents, Jeannette Doornenbal & Kees de Glopper
De buitenschoolse opvang (bso) na schooltijd is de laatste jaren enorm in omvang toegenomen en vormt daarmee een belangrijk nieuw leefmilieu voor steeds meer kinderen. Met de kwantitatieve groei is er ook meer aandacht gekomen voor de kwaliteit van deze opvang. EŽn van de belangrijkste doelen van de buitenschoolse opvang is het stimuleren van de sociale ontwikkeling. Vanuit sociaal-cultureel perspectief is interactie daarbij cruciaal. Om meer zicht te krijgen op de sociale ontwikkeling van kinderen in de bso brengen we daarom in deze veldverkenning de verschillende communicatieve activiteiten binnen de bso in kaart en bespreken we in het kort in hoeverre de verschillen tussen bso’s relevant zijn voor de aanwezigheid van die communicatieve activiteiten.

234 Thuisonderwijs in Nederland en Vlaanderen: een review
THUISONDERWIJS
Henk Blok & Joke Sperling
Z
owel in Nederland als in Vlaanderen is er onder ouders een groeiende belangstelling voor thuisonderwijs. In deze review wordt thuisonderwijs van twee zijden belicht, zowel wat betreft de juridische inbedding in Nederland als Vlaanderen als ook wat betreft de verschijningsvorm. Waar thuisonderwijs in Vlaanderen inmiddels juridisch is ingekaderd, heeft het in Nederland geen wettelijke status. Ook wat betreft de verschijningsvorm blijken er verschillen te zijn tussen Nederland en Vlaanderen. Waar Nederlandse ouders levensbeschouwelijke motieven aanvoeren, tellen voor Vlaamse ouders vooral pedagogische motieven om tot thuisonderwijs over te gaan. Over de manier waarop thuisonderwijs vorm krijgt, bestaan nog veel vragen. De review eindigt met een bespreking van de vraag of thuisonderwijs ook in Nederland een wettelijke basis zou moeten krijgen. Ook wordt een tweetal onderzoekslijnen voor vervolgonderzoek aangeduid. Vervolgonderzoek zou zich vooral moeten richten op de condities waaronder thuisonderwijs effectief is.

251 De leefsituatie als explanans en explanandum bij multiprobleemgezinnen / Een vergelijkende conceptuele analyse van hulpverleningsperspectieven in Duitsland en Nederland
MULTIPROBLEEMGEZINNEN
Tim Tausendfreund, Jana Knot-Dickscheit, Erik J. Knorth & Hans Grietens

Het beperkte gebruik in de Duitse jeugdzorg van het oorspronkelijk Noord-Amerikaanse concept ‘multi-problem family’ als aanduiding voor een doelgroep die gekenmerkt wordt door complexe, langdurige en veelvuldig met elkaar verweven problemen, is vanuit Nederlands perspectief opvallend. Als alternatief worden in Duitsland de concepten ‘armoede’ en ‘deprivatie’ gehanteerd, gekoppeld aan sociaal-wetenschappelijke theorie‘n over de ‘leefsituatie’. Dit verschil was voor ons de aanleiding om aan de hand van literatuurstudie te onderzoeken welke theoretische en praktische meerwaarde deze verschillende concepten hebben bij een beschrijving van de bedoelde gezinnen. Vertrekpunt is het begrip ‘leefsituatie’. We gaan na welke overeenkomsten en verschillen er tussen beide landen bestaan in gehanteerde begrippen, en evalueren deze in het licht van hun waarde binnen een ethisch verantwoorde zorg- en onderzoekspraktijk. De conclusie luidt dat het concept ‘leefsituatie’, onder andere door de verbinding die het legt tussen het micro-, meso- en macro-niveau van gezinsfunctioneren en gezinscontext, een waardevol aanknopingspunt biedt in praktijk en onderzoek om de individuele gesteldheid van cli‘nten in multiprobleemgezinnen in beeld te brengen, mede vanuit een maatschappelijke inbedding van hun problematisch bestaan.

272
The claims of parenting. Reasons, responsibility and society
BOEKBESPREKING
Doret de Ruyter
Stefan Ramaekers & Judith Suissa, Dordrecht/Heidelberg/London/New York: Springer, 2012

277 Apologie van de school. Een publieke zaak.
BOEKBESPREKING
Wouter Pols & Joop Berding
Jan Masschelein & Maarten Simons, Leuven/Den Haag: Acco, 2012