Tijdschrift voor Lerarenopleiders — Jrg. 35 (september 2014) Nr. 3

3  REDACTIONEEL

BIJDRAGEN

5  De zwevende piramide. Een brug naar de onderwijswetenschappen voor natuurwetenschappelijke studenten van de universitaire lerarenopleiding
Marcel Kamp & Dirk de Vries
Er is de laatste jaren veel aandacht voor de kloof tussen het onderwijsveld en onderwijsonderzoek. Die kloof is al in de lerarenopleiding te voelen. In dit artikel beschrijven we eerst hoe nogal wat bètastudenten moeite hebben met de wijze van denken in de eerstegraads lerarenopleiding. Deze denkwijze staat vaak dichter bij sociale wetenschap dan bij natuurwetenschap omdat onderwijzen ten laatste berust op kennis over hoe leerlingen natuurwetenschappen kunnen leren. We besteden aandacht aan hoe de opleiders zelf deze kloof tussen natuurwetenschappen en gedragswetenschappen ervaren en – idealiter – overbruggen. Daarna bespreken we hoe studenten van de lerarenopleiding dit kunnen doen. Het leerproces van studenten houdt zich in het ideale geval bezig met begrip proberen op te brengen voor de denkwijze van leerlingen. ook heeft het betrekking op de ervaring dat gedragswetenschappen zoals onderwijskunde, psychologie en pedagogie hen in dit verband zinvolle kennis bieden. Om de bètastudenten te helpen zich deze denkwijze eigen te maken gebruiken we in onze opleiding een ‘advance organizer’ (De kennispiramide en de zwevende piramide) in combinatie met een startopdracht. De advance organizer vat enkele hoofdzaken over het leren van natuurwetenschappen samen en geeft houvast in het denken over veel voorkomende leerproblemen van leerlingen met deze vakken; ze is gebaseerd op onderzoek naar het leren (van natuurwetenschappen). De startopdracht omvat het ontwerp, de uitvoering en de evaluatie van een miniles die beoogt leerlingen samenhangende kennis bij te brengen die goed verankerd is met eigen ervaringen. We beschrijven ten slotte een aantal lessen die studenten ontwierpen en geven een inschatting van het leerresultaat op het niveau van de student van de lerarenopleiding.

17  Kwaliteit van praktijkonderzoek door leraren in relatie tot de gestelde doelen
Implicaties voor professionele ontwikkeling en schoolontwikkeling
Janneke van der Steen & Helma Oolbekkink
Dit onderzoek bidet inzicht in de kwaliteit van praktijkonderzoek en de impact hiervan op de professionele ontwikkeling van de individuele leraar en op de schoolontwikkeling. We onderzochten de kwaliteit van praktijkonderzoek in termen van de validiteiten van Anderson en Herr (1999). Deze kwaliteitscriteria pasten we vervolgens toe op 11 cases van leraaronderzoek in het voortgezet onderwijs. We concluderen dat het van belang is om afhankelijk van het doel van onderzoek (professionele ontwikkeling of schoolontwikkeling) in de begeleiding van praktijkonderzoek aandacht te hebben voor specifieke kwaliteitscriteria.

31  Ontwikkelen van pedagogische oordeelsvorming door reflectie op alledaagse deugden
Wim Claasen
In lerarenopleidingen wordt al lang geworsteld met de vraag welke benadering het meest geschikt is om het reflectievermogen en de (morele) oordeelsvorming van (toekomstige) leraren te verbeteren. In dit artikel wordt betoogd dat reflective op alledaagse deugden zicht bidet op persoonlijke kwaliteiten die basaal zijn voor goed leraarschap. Expliciet maken en gebruiken van die – in de basis reeds aanwezige – persoonlijke kwaliteiten of deugden om in microsituaties met de rijkdom van een situatie om te gaan, kan een basis zijn voor het ontwikkelen van onderwijspedagogische oordeelsvorming. Leraren ontwikkelen daardoor de noodzakelijke ‘bredere’ oordeelsvorming op meso- en macroniveau. Het artikel sluit af met voorstellen tot het ‘leren en verbreden van reflectie’ bij het opleiden van leraren.

39  ‘Met het oog op de toekomst’ / Enkele gedachten over de beroepsontwikkeling van de lerarenopleider
Mieke Lunenberg
Lerarenopleiders zijn belangrijke spelers in het onderwijsveld. Zij bereiden leraren voor op hun werk. Zo vormen de kennis, ervaring en betrokkenheid van lerarenopleiders indirect een factor van belang voor het leren en de toekomst van kinderen. Onze kennis over het beroep van lerarenopleider is in de achterliggende decennia sterk gegroeid (Lunenberg, Dengerink, & Korthagen, 2014). We weten veel meer dan twintig jaar geleden over de verschillende rollen die lerarenopleiders hebben, over het handelen van lerarenopleiders, en over wat werkt als het gaat om de professionele ontwikkeling van lerarenopleiders. De cruciale vraag is vervolgens natuurlijk in hoeverre deze kennis inmiddels gemeengoed, en vooral ook praktijk is.

47  De functie en zin van praktijkgericht onderzoek door studenten van educatieve hbo-opleidingen
Mascha Enthoven & Ron Oostdam
Hogescholen zijn zich aan het ontwikkelen tot kenniscentra waar door lectoren wetenschappelijk praktijkgericht onderzoek wordt uitgevoerd. Achtergrond daarvan is dat hogescholen bij uitstek instellingen zijn waar de wisselwerking tussen onderwijs, praktijk en praktijkonderzoek vorm kan krijgen. In dat kader staat in toenemende mate ook het doen van onderzoek door studenten in de belangstelling en wordt steeds kritischer gekeken naar de kwaliteit van afstudeerscripties. Dit roept de vraag op wat precies de zin en functie is van het doen van praktijkgericht onderzoek door studenten binnen de educatieve hbo-opleidingen. Waarom is het van belang dat studenten in hun opleiding onderzoek doen? En waarin dienen zij zich dan te bekwamen en op welke wijze moet dit plaatsvinden? In dit artikel bespreken wij de visie van de educatieve opleidingen van de Hogeschool van Amsterdam op het doen van praktijkgericht onderzoek volgens de methodologie van de interventiecyclus. Daarbij maken wij onderscheid tussen het hbo bachelor- en masterniveau. We gaan in op de concretisering van een onderzoekende houding bij studenten en formuleren instrumentele onderzoekscompetenties die relevant zijn voor de toekomstige beroepspraktijk. Uitgangspunt daarbij is het continuüm van reflectieve professional en onderzoekende professional naar de professional als onderzoeker.

61  Informeel professionaliseren / Wat lerarenopleiders leren van het samenwerken met collega’s
Marina Bouckaert
Uit recent onderzoek naar het informele werkplekleren van lerarenopleiders (Kools et al., 2012; Kools, 2013) komt naar voren dat in het bijzonder geleerd wordt van/door het samenwerken met collega’s. Maar door de opzet van de daarbij gebruikte vragenlijst blijkt het lastig op basis van dat onderzoek na te gaan wát precies geleerd wordt in de intercollegiale samenwerking.
In het in dit artikel gepresenteerde onderzoek is geprobeerd om door middle van diepteinterviews met opleiders moderne vreemde talen van Fontys Lerarenopleiding Tilburg (FLOT) de opbrengsten van samenwerking op de werkplek meer expliciet te maken en zo mogelijk te catalogiseren. Op basis van bestaande literatuur zal eerst een theoretisch kader worden geschetst. Daarna worden de resultaten van het onderzoek, een kwalitatieve studie, gerapporteerd. De conclusies en aanbevelingen bieden tot slot mogelijk handvatten voor de FLOT en andere organistaies om het non-formele leren van medewerkers in kaart te brengen en te ondersteunen.

73  Het contact tussen leraar en leerling: verkenning van een basisbegrip
Fred Korthagen, Saskia Attema-Noordewier, Rosanne Zwart
Het thema ‘contact’ is van groot belang voor het onderwijs en voor de lerarenopleiding (Noddings, 1984). Zowel beginnende als ervaren leraren hebben het vaak over hun contact met leerlingen. Hoewel het daarbij soms gaat over negatieve ervaringen (‘Ik krijg geen contact met die leerling’), zijn positieve ervaringen in het contact met leerlingen dikwijls een belangrijke redden om te (blijven) kiezen voor het leraarsberoep (Newman, 2000).
Bovendien blijkt de kwaliteit van het contact tussen leraar en leerling essentieel te zijn voor het leerproces en de leerresultaten (Spilt e.a., 2011). Uit onderzoek naar ordeproblemen komt eveneens de centrale rol van contact naar voren (Doyle, 2006). Tegelijkertijd is er opvallend weinig onderzoek gedaan naar leraar-leerling-contact, waardoor aan leraren weinig concrete handvatten geboden konden worden. In dit artikel wordt een onderzoek besproken dat is uitgevoerd op een basisschool. Onze theoretische en empirische verkenning van het thema contact biedt belangrijke aanknopingspunten voor de opleiding van leraren, bijvoorbeeld doordat een voor de lerarenopleiding praktisch bruikbaar model voor contact wordt gepresenteerd.

85  BOEKENRUBRIEK
Loes de Vries
M. Snoek (2014). Developing teacher leadership and its impact in schools.

95  Over de auteurs