Pedagogische Studië‘n — Jrg. 90 (juli 2013) Nr. 4

2 De betrouwbaarheid en discriminante validiteit van de Social Participation Questionnaire in het Vlaamse onderwijs
G. Bossaert, S. Martens, C. Vanmarsenille, N. Vertessen & K. Petry
Er is een internationale tendens richting inclusief onderwijs merkbaar. Uit onderzoek blijkt echter dat leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften vaker een ge•soleerde positie innemen dan hun klasgenoten zonder een beperking. Om de sociale positie van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften op te volgen, werd in Nederland de Social Participation Questionnaire (SPQ) ontwikkeld. In dit onderzoek werd onderzocht of de SPQ een betrouwbaar en valide instrument is voor gebruik in het Vlaamse basisonderwijs en secundair onderwijs. In het basisonderwijs werden zowel de totale SPQ als de vier subschalen voldoende betrouwbaar gevonden. In het secundair onderwijs bleken de totale SPQ en de vier subschalen intern consistent en was de test-hertestbetrouwbaarheid goed, maar was de interbeoordelaarsbetrouwbaarheid voor enkele subschalen te laag.

17 Evaluatie van de sociale dimensie van inclusief onderwijs: de ontwikkeling van een signaleringsinstrument voor leerkrachten om de sociale participatie van leerlingen met beperkingen in kaart te brengen
M. Koster, E.J. van den Bosch & S.J. Pijl
Dit onderzoek is gericht op de constructie van de Vragenlijst Sociale Participatie (VSP), waarmee leerkrachten de sociale participatie van leerlingen met beperkingen in groep 3, 4 en 5 van het regulier basisonderwijs kunnen beoordelen. De VSP bestaat uit vier subschalen, gerelateerd aan vier hoofdthema’s van sociale participatie: “vriendschappen”, “contacten/interacties”, “sociale zelfperceptie van de leerling” en “acceptatie door klasgenoten”. Uit een Mokken Schaalanalyse blijkt dat de subschalen gematigd sterk tot sterk zijn. Het Dubbele Monotonie-Model is van toepassing op iedere subschaal. Dat impliceert dat de subschaalscores op een ordinale schaal liggen en de items invariant geordend zijn. Bovendien is de VSP betrouwbaar en zijn er sterke aanwijzingen voor de discriminante validiteit.

33 De keuze van afgestudeerden aan de lerarenopleiding om al dan niet in het lerarenberoep te stappen: een prospectieve studie
I. Rots, A. Aelterman & G. Devos
In tijden van terugkerende lerarentekorten kampt Vlaanderen met een aanzienlijk aantal afgestudeerden aan de lerarenopleidingen dat niet doorstroomt naar het lerarenberoep. Deze studie identificeert welke (lerarenopleidings)variabelen de twee groepen afgestudeerden (al dan niet lerarenberoep als eerste job) van elkaar onderscheiden. Uitgaande van de sociaal leren theorie van beroepskeuzeprocessen worden vijf categorie‘n voorspellende variabelen bestudeerd: persoonlijke kenmerken, initi‘le motivatie voor het lerarenberoep, lerarenopleiding, integratie in het lerarenberoep en externe invloeden.

49 De relatie tussen persoonlijkheid, motivatie en het informeel werkplekleren van Vlaamse leerkrachten secundair onderwijs
T. van Daal, D. Goormans, S. De Maeyer & V. Donche
In onderzoek naar het informeel werkplekleren van leerkrachten bleven individuele be•nvloedende factoren tot nu toe onderbelicht. Dit artikel vormt daarom een eerste verkenning van de relaties tussen persoonlijkheid, motivatie en het informeel werkplekleren van leerkrachten secundair onderwijs. Informeel werkplekleren is hierbij enerzijds geoperationaliseerd als participatie in leeractiviteiten op de werkplek (experimenteren, informele interactie met collega’s, zelfregulatie) en anderzijds als het vermijden van leren (vermijdingsgedrag). Er participeerden 95 Vlaamse leerkrachten secundair onderwijs in de bevraging. Uit de resultaten van de multivariate regressieanalyses blijkt dat consci‘ntieusheid, openheid en extraversie een matig tot groot positief effect hebben op informeel werkplekleren. Motivationele kenmerken be•nvloeden het informeel werkplekleren echter sterker dan persoonlijkheid. Deze studie ging daarnaast ook de mogelijkheid via motivatie gemedieerde effect van persoonlijkheid na.